Wetenschap en Spiritualiteit

Onderzoek in wetenschap en spiritualiteit

In de spiritualiteit zijn vele methodes ontworpen om het ‘ken u zelve’ te bevorderen. Deze methodes kunnen zeer geavanceerd zijn en er is soms eeuwen aan gewerkt. Ik heb het over zelfonderzoek dat wel ‘spiritueel’, maar niet ‘religieus’ is. Maar wat is dan nog het verschil met wetenschappelijk onderzoek?

Je eigen kern is even ver weg als de maan

Ken Wilber en de bekende Boeddhistische leraar Alan Wallace, zeggen het ongeveer als volgt: Wat het westen op wetenschappelijk terrein bereikt heeft waardoor we naar de maan kunnen, heeft het Tibetaans Boeddhisme bereikt om tot de kern van ons hart en onze geest door te dringen. En dit gaat niet alleen over de beleving van ons zelf, maar ook over wat deze beleving zegt over wie we zijn.

Onderzoek begint met de ‘juiste kijk’

Jezelf persoonlijk en spiritueel ontwikkelen gaat dan ook niet alleen over een ‘goed gevoel’, maar allereerst over de ‘juiste kijk’.  In het Boeddhisme zegt men ‘de eerste stap op het Boeddha-pad is ‘het juiste begrip’. Daarna volgt nog, net zoals in de wetenschap, de juiste methode en natuurlijk het object van onderzoek. Waar we in de wetenschap over ‘Theorie’ spreken, hebben we het in onderwijs over zelfonderzoek over Dharma. 

Het onderzoek van de uiterlijke wereld

In de wetenschap geldt, dat naast een theorie, de juiste methodologie en het juiste meetinstrument moet worden gebruikt. In het overgrote deel van de westerse wetenschap wordt het meetinstrument gebruikt om ‘dingen in tijd en ruimte’ te meten. Kortom het gaat om de ‘objectieve’ verschijnselen. Zo probeert ook de psychologie de subjectieve verschijnselen (gevoelens en emoties e.d.) te meten via daarmee  samenhangende objectieve verschijnselen als gedrag, fysieke gesteldheid en hersenactiviteit. De wetenschapper onderzoekt objecten in tijd en ruimte buiten zichzelf. Maar hoe moet dat dan bij zelfonderzoek?

Het onderzoek van de innerlijke wereld

Bij ‘zelfonderzoek’ waarbij je jezelf onderzoekt, zijn de onderzoeker (jij zelf) en de onderzochte (ook jij zelf) dezelfde. En jijzelf zit altijd in een bepaalde staat van zijn; boos, blij verdrietig, nadenkend etc. En die staat van zijn bepaalt mede het perspectief waarmee je kijkt. En het perspectief bepaalt weer mede wat je ziet. Als je boos en wantrouwend  bent en sceptisch naar de wereld kijkt, ben je een andere onderzoeker, dan wanneer je blij bent en naar mogelijkheden zoekt. De onderzoeker en het onderzochte hebben invloed op elkaar. In de sociale wetenschappen staat dit probleem ook bekend als ‘heuristische cirkel’ of ‘ken-cirkel’.

Is de wetenschapper dan alleen objectief bezig?

Wetenschappers, vooral degenen uit de hoek van de kwantummechanica, hebben nog niet zo lang geleden moeten bekennen, dat het meetinstrument dat de onderzoeker gebruikt en hoe hij het gebruikt, invloed heeft op wat hij waarneemt. En zo zien we dat de wetenschapper ineens met dezelfde methodische moeilijkheden worstelt, als degene die zelfonderzoek doet: Er is een relatie tussen onderzoeker en onderzochte en dat bepaalt mede de uitslag van het onderzoek. Een film als ‘What the bleep do we know’ legt daar getuigenis van af. Daarmee staan zelfonderzoek en wetenschap in deze tijd weer dicht bij elkaar. Dan is het ineens niet zo verwonderlijk meer dat grote wetenschappers vaak met zelfonderzoek bezig zijn. Ze houden zich vanuit wat ze subjectief waarnemen bezig met zichzelf, maat ook met het mysterie van het bestaan. Kortom ze zijn ook mysticus.

Potentialiteit

De bekende systeemtheoreticus Ervins Laszlo heeft een uitspraak gedaan die op beide domeinen van toepassing is: Zowel op wetenschappelijk onderzoek in de wereld van tijd en ruimte als als op zelfonderzoek. ‘Tot op het moment dat kwanta worden waargenomen of gemeten hebben ze geen uitgesproken kenmerken, maar bestaan ze tegelijkertijd in verschillende toestanden. Dit zijn geen reële toestanden, maar potentiële. Het zijn toestanden die het kwantum kan aannemen, zodra het wordt gemeten of geobserveerd. Het lijkt er sterk op dat de waarnemer of diens meetinstrument het kwantum opvist uit een oceaan van mogelijkheden. En als het daaruit opgevist wordt, wordt het een reëel in plaats van een virtueel iets, maar niemand kan bij voorbaat weten welk specifiek iets het zal worden, van alle mogelijke ‘ietsen’ die het in potentie zijn’. * (Zie verder over het moderne onderzoek op dit terrein van de TU-Delft >>)

Onze verantwoordelijkheid

Dit betekent dat er is een verband is tussen de objectieve en de subjectieve dimensie van het bestaan. Bewustzijn en vorm hebben invloed op elkaar. Dat mensen dit beseften is al in de oudste hindoeïstische geschriften te vinden. In de ‘moderne’ tijd is dit besef geweken voor een plat sciëntisme; ‘alleen dingen zijn echt’. Maar in onze post-postmoderne tijd komen wetenschap en spiritualiteit op een veel hoger niveau weer terug bij deze oude onderkenning. Het perspectief wat we nemen bepaalt niet alleen ‘wat’ we zien. Het gaat veel verder: Het perspectief dat we nemen bepaalt mede de werkelijkheid zelf. Er is een evolutionaire correlatie tussen bewustzijn en vorm gaande. En dat schept ineens een enorme verantwoordelijkheid. En dit geeft ook een enorme schok; we worden ons bewust van de rol die ons bewustzijn tot nu toe op aarde heeft gespeeld. Ik noem dat de Tweede Schok van de Mensheid. Maar het is ook een enorme mogelijkheid. Anders gezegd; De ‘kencirkel’ waarbij object en subject niet helemaal te scheiden zijn, kan voor ‘zuiver onderzoek’ lastig zijn, maar het is ook een enorme mogelijkheid.

Ons evolutionaire bewustzijn

Wat zou dat kunnen betekenen voor onze toekomst? In de huidige fase van de evolutie van het bewustzijn worden we wakker in de betrokkenheid van ons bewustzijn in het evolutionaire proces. Maar dat betekent niet dat de wereld zich zomaar naar ons perspectief voegt. Dat is de verdwazing van het extreem postmoderne standpunt dat alles uiteindelijk op perceptie en interpretatie neer komt. Alsof er geen ‘feiten’ meer zijn. Anderzijds is het ook niet zo dat ons bewustzijn zich louter naar de bestaande wereld voegt. Nee de vraag is meer hoe we in het wonder van de samenhang tussen bewustzijn en vorm onze verantwoordelijkheid kunnen nemen. En die verantwoordelijkheid geldt ten aanzien van ons eigen subjectieve zelf, maar ook ten aanzien van ons eigen objectieve zelf, zijnde ons lichaam. Maar hij geldt ook voor de wereld van relaties en de natuur.  En hij geldt ten aanzien van alle grote uitdagingen waar de mensheid nu voor staat. Doe je mee?  Zie ook Venwoude Levensschool

* Zie ook  Alan Wallace ” The taboo of subjectivity’ Oxford University Press
* Ervin Laszlo ‘Kosmischer Visie’ p. 31

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *