Is onze tijd hypermoreel of immoreel?

Hypermoreel of immoreel

Sommigen beweren dat we in een immorele tijd leven. Anderen beweren dat we juist in een hypermorele tijd leven. Dit omdat we elkaar voortdurend de maat nemen. Wat is hier aan de hand? Wat is de basis van ons morele bewustzijn en hoe is het daarmee gesteld? Is onze tijd hypermoreel of immoreel?

De basis van moreel bewustzijn is innerlijke waardigheid

Als een mens weet dat hij een waardevol wezen is, zal hij anderen ook als waardevol zien. Als een mens daarentegen affectief verwaarloosd is, wordt het moeilijk om zichzelf te ervaren als een waardig en waardevol. Dan is het ook moeilijk om de ander als een waardig en waardevol mens te zien en te behandelen. Dan is het makkelijk om schaamteloos het eigen perspectief te laten prevaleren. Dan is moreel besef ver weg. 1.) Is onze tijd dan hypermoreel of immoreel?

‘Trots’ en ‘schaamte’ bij de primaten

Woorden als ‘trots’, ‘waardig’ en ‘fier’ enerzijds en ‘waardeloos’, ‘betekenisloos’ en ‘leeg’ zijn talige benamingen van een gevoel dat wij mensen hebben. De basis van ‘moreel besef’ is bij alle primaten te herkennen. Initieel gaat het om onbewuste waarde-toekenning. En dat gebeurt voortdurend door elkaar in de sociale pikorde in de gaten te houden. Anders gezegd: er is altijd hiërarchie in een sociaal systeem. Die hiërarchie bepaalt wat je wel en niet ten opzichte van elkaar kunt maken. En dan werkt het ook andersom. Als je dingen doet die je niet kunt maken bepaalt dat je plek in de hiërarchie.

Ook bij de apen bestaat er iets als ‘mores’

Een aap die hoger zit in de hiërarchie zit kan zich bijvoorbeeld meer permitteren dan een aap die lager in de hiërarchie. Als bijvoorbeeld het wijfje van het alfa-mannetje een kind heeft, mag de dochter van een te laaggeplaatst vrouwtje daar niet zomaar mee spelen. Als dat toch geprobeerd wordt, wordt dat afgekapt. Dan krimpt het apenmeisje ineen en trekt zich terug. Hoewel dit geen moreel besef is, is dit wel een soort schaamte omdat haar ‘waarde’ wordt ontkend. Ook kan er een expressie van trost en overwinning komen als het uiteindelijk toch lukt en toegestaan wordt.

De mens leeft in zijn perceptie

Kleine kinderen leven wat dat betreft ook nog in een soort ‘apenkolonie’. Maar vanaf het moment dat taal en duiding mogelijk wordt, leeft een mens in zijn perceptie van de situatie. Een mens kan door de tijd heen leren begrijpen wat in bepaalde situaties al dan niet geoorloofd is. Dan weet hij van tevoren, dat bij het overgaan van een bepaalde grens, het risico bestaat een negatieve sociale bankrekening op te lopen. Dit is een soort ‘upgrade’ van het ‘apenverstand’.

Innerlijke waardigheid

Het leerproces om tot moreel besef te kunnen komen, begint al veel vroeg. Dat begint met een liefdevolle aanraking, waardoor we onbewust leren dat we waardevol zijn in relatie tot de ander. (zie ook ‘De ethiek van je hart en schaamte’.) Dit kan zich later uitbreiden naar een kwaliteitsvolle morele houding inclusief het begrip en de verwoording daarvan. Dan kan een het kind de moed opbrengen om morele maatstaven aan te leggen.

Handelen op basis van morele ontwikkeling

Het kind kan dan gaan participeren vanuit een innerlijk zoeken naar wat liefdevol, waardig open, eerlijk, billijk en rechtvaardig is. De eigen waardigheid wordt meegebracht in allerlei situaties. Dan ontstaat er een gevoel van fierheid en waardigheid als dat gebeurt. Er ontstaat een gevoel van schaamte als dat niet gebeurt. Zelfs plaatsvervangende schaamte kan optreden als een ander niet tegemoetkomt aan bepaalde waardes.

Culturele schaamte en aanpassing

Iedereen heeft wel eens naar zich toe gekregen. ‘Daar moet je je voor schamen’, of ‘Dat valt me nu van je tegen’. Ik moet mij volgens iemand anders ergens voor schamen. Of ik mij maar wil gaan schamen. Als je je daaraan aanpast zonder je eigen innerlijke standaard te checken, spreken we van culturele schaamte. Je schaamt je omdat het zo hoort.

Schuilgaan achter de sociale norm: de conventionele mens

Iemand die daarin beland heeft wellicht wel een eigen morele referentie, maar hij past zich aan: hij vindt ‘nee’, maar hij doet naar buiten toe ‘ja’. Of hij vindt ‘ja’, maar laat dat niet blijken, participeert niet in het laten gelden van zijn innerlijke referenties. Iemand met deze houding is niet aanspreekbaar op zijn verantwoordelijkheid als individu. Dat is de conventioneel opererende mens. Er is geen gevoel van schaamte, noch werkelijk contact maken met zijn individuele waardigheid’. Hij is hoogstens moreel verontwaardigd vanuit een mentale identificatie met conventies.

Ik ben OK omdat het voor mij goed is

De tegenovergestelde houding bestaat sinds de postmoderne tijd ook. Titels als ‘De schaamte voorbij’ en ‘Ik ben OK, jij bent OK!’ uit het begin van de postmoderne tijd, zeggen het al. Wij mogen tegenwoordig allemaal zelf bepalen waar we ons over willen schamen of niet. Maar is dit wel morele ontwikkeling? Is onze tijd dan hypermoreel of immoreel?

Je kunnen verplaatsen in de ander en de situatie

Bij innerlijke waardigheid en schaamte, gaat het over een waarneming van iemand die zich opent naar de ander en het geheel. Kortom, als je je niet verplaatst in de ander en de situatie, kun je vanuit je hart en ziel geen referentie vaststellen. Je kunt jezelf schaamteloos per definitie ‘OK’ verklaren. Morele ontwikkeling betreft innerlijke referenties die in de onderlinge afhankelijkheid van mensen en van de mens in relatie tot zijn omgeving ontstaan.

Afgesloten emotioneel ego

Mensen die zich alleen maar identificeren met hun eigen gevoelens en als doel hebben om zich goed te voelen, sluiten zich af van eventuele pijn over situaties. De pijn wordt niet verstaan als een boodschap over de situatie, maar moet zo snel mogelijk opgelost worden. Zo wordt de relatie met de omgeving verbroken. 2.) Ze kunnen geen zelf-overstijgende referenties ontwikkelen. Dan kun je ook geen waarde ervaren die je toevoegt aan het geheel. Je kunt ook geen schaamte ervaren als je waarde aan het geheel onttrekt of niet toevoegt waar je hart en ziel wel om vraagt. Het ontkennen van schaamte kan ertoe leiden dat je je overal van afmaakt en dat de relatie tot de gemeenschap in feite verbroken wordt. Dit kan zover gaan dat mensen allerlei dingen kunnen doen, zonder enig idee hebben wat ze aanrichten.

Waar hypermoreel juist immoreel is

Het afgesloten emotionele ego, doorziet niet dat een emotie gevoeld wordt doordat hij aangesproken wordt door een bepaald perspectief. (Zie ‘Emotiewerk vanuit Integraal oogpunt 1.’ Dat hoor je terug in de opmerking ‘Het is zo omdat ik het zo voel.’ Daardoor lijkt een gevoel zichzelf te verklaren. Een vervelend gevoel betekent dan één op één dat iets niet ok is. Is dat nu hypermoreel of immoreel? Het versluierd in elk geval dat achter een gevoel een mening schuilgaat waar geen verantwoordelijkheid meer voor genomen hoeft te worden. De hypermorele tijd wordt erdoor gekenmerkt dat de meningen die achter de emotie schuilgaan, ongevraagd op elkaar losgelaten worden. Dit gaat daarmee niet over moraliteit, maar over het botsen van perspectieven vanuit een egocentrisch perspectief. Daarmee wordt deze hypermoraliteit juist immoreel.

Gezonde authentieke schaamte

Schaamte in de goede zin van het woord is een zekere schrik over wie je bent geweest, welke meteen je innerlijke referenties omhoog brengt. Daarmee kun je je meteen weer in de onderlinge afhankelijkheid en verbondenheid plaatsen door bijvoorbeeld ‘sorry’ te zeggen. Dit vermogen brengt met zich mee dat een laag saldo op de sociale bankrekening  weer verhoogd kan worden.

Gezonde schuld en verantwoordelijkheid

Schaamte moet niet verward worden met schuld. Schuld gaat niet over ‘wie’ jij als mens was in je optreden, maar gaat over iets wat je gedaan hebt. Bij schuld wordt oorzaak en gevolg vastgesteld. Je kunt gewoon vaststellen waar jij schade hebt veroorzaakt. Daar kun je wellicht verantwoordelijkheid voor nemen door de schade te vergoeden. Je je wel gaan schamen omdat je tot de ontdekking komt dat je actie die schade veroorzaakte, voortkomt uit een te zelfzuchtige innerlijke houding, maar dat is wat anders. Je kunt de gevolgen die het voor een ander heeft ook naar vinden. Dat geeft natuurlijk een gevoel naar aanleiding waarvan we dan zeggen ‘Ik voel me schuldig’.

Ongezonde culturele schuld

In de Christelijke cultuur wordt een mens gezien als een schuldig wezen. Dan ben je bij voorbaat schuldig. Dan is schuld, in plaats van een feitelijke constatering over oorzaak en gevolg, een vaststaand cultureel idee. Daar is niet tegenop te werken. Dan ben je altijd verkeerd. Lichtere varianten hiervan zeggen, dat mensen die schade veroorzaken, foute mensen zijn. Dit zijn vergiftigende vormen van schuld en dragen niet bij aan menselijke ontwikkeling.

Neem alle schuld op je

De thematiek van schuld en verantwoordelijkheid kan ook nog in een veel groter perspectief geplaatst worden. Dat wordt gedaan in het Boeddhisme waar met de aanwijzing kent: ‘Neem alle schuld op je.’ Daarmee wordt niet bedoeld dat er iemand fout is. De Dalai Lama was überhaupt stomverbaasd toen hij erachter kwam dat in het westen mensen konden denken in termen van ‘slechte mensen’. Hij vroeg oprecht ‘Waar zou dat goed voor kunnen zijn?’ Maar wat wordt er dan wel bedoeld met ‘Neem alle schuld op je.’?

Het verlichte kosmocentrische perspectief

Waarom zou je je zorgen maken om wie het precies gedaan heeft? Als er schade is, is er werk aan de winkel. Neem gewoon verantwoordelijkheid. Waarom niet? ‘Neem alle schuld op je’, is een mogelijkheid om voorbij je kleine ikje verantwoordelijkheid te nemen voor veel meer dan alleen de zaken waar je tot dan toe in betrokken was. Ben je bereid een antwoord te vinden voor zaken die voorbij je eigen belang liggen? Een commitment van de Bodhisattva is bijvoorbeeld ‘Hoe ontelbaar alle wezens ook zijn, ik beloof ze allemaal te dienen en te bevrijden’. Niet omdat je dat kunt, maar omdat dat je onvoorwaardelijke houding is, ongeacht wat ervan terechtkomt.

Verbonden zijn met iedereen en alles

Heb je die standaard voor jezelf vastgesteld als je morele positie, dan kun je je oprecht schamen, als je daar in niet in blijkt te staan. Als we als mensheid de aarde mishandelen kun je je zelfs schamen zonder dat daar een concrete ander bij betrokken is. deze schaamte is het bewijs dat je leeft in de verbondenheid van alles met alles. Je leeft in een kosmocentrisch perspectief waarbij je de aarde als het ware in je armen neemt en daar verantwoordelijkheid voor neem, voor zover het in je vermogen ligt.

Noten
1.) Er zijn twee wetenschappers die zich verdiept hebben in de mentale kant van de morele ontwikkeling van de mens. Lawrence Kohlberg onderscheid een préconventioneel, een conventioneel en een postconventioneel niveau van ontwikkeling. Carol Gilligan heeft in de traditie van Kohlberg onderzoek gedaan hoe bij vrouwen de waarde ‘care’ of zorg geven aan zich ontwikkelt. Zij onderscheid een egocentrisch, een sociometrisch, een wereldcentrisch en niveau van ontwikkeling.
2.) Zie ook ‘Populisme misbruikt postmodern bewustzijn‘ waarin ik een citaat van de filosoof Charles Taylor aanhaal, waarin hij en waarin meer staat over het monadische bewustzijn van het ego dat zich identificeert met zijn emoties.

2 gedachten over “Is onze tijd hypermoreel of immoreel?

  1. Dankjewel Mauk, voor dit verhelderende stuk. Het antwoord op de vraag of onze tijd nu hypermoreel of immoreel is lijkt te zijn: hypermoreel wordt immoreel vanuit een afgescheiden emotioneel ego.

    Is dat wat er nu, in deze fase van de Coronacrisis, ook gebeurt in de snoeiharde confrontaties van meningen en uitingen van protest?

    Graag zou ik nog concreter dit soort verhelderende beschouwingen toegepast willen zien op de situatie waarin we nu leven. Er is, lijk me, dringend behoefte aan inzicht op ons denken en doen in deze tijd!

    1. Dank je Suzanne,
      Veel van de beschouwingen bewaren afstand door een sociologische, of (politiek-) filosofische aanpak. Ik hoop dat deze tekst het mogelijk maakt het dichterbij te halen. Dank voor je reactie.
      Mauk

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *